Salutogenese, je bent wat je eet

Uit: Nr. 278, mrt/apr 2022

Ook dit artikel is weer geïnspireerd op de salutogenese-lezingen van de arts Birgit Spoorenberg. Zij legt de nadruk niet op het behandelen van ziekten, maar op het behoud en de bevordering van gezondheid. In eerdere DNUA-edities is besproken hoe ons immuunsysteem werkt, en we keken naar de invloed van ons dagelijks handelen op dit afweersysteem. Ook is de inwerking van zonlicht en stress op dat systeem aan de orde gekomen. Dit vierde artikel gaat dieper in op het verband tussen stress, immuniteit en leefstijl.

Stress heeft een niet te onderschatten invloed op ons immuunsysteem. Acute stress schakelt dat systeem – met redenen – tijdelijk uit en langdurige (chronische) stress ontregelt het immuunsysteem zelfs zodanig dat het ernstig verzwakt raakt. Ons lichaam kan op veel manieren stress ervaren. Bijvoorbeeld door te veel werk, maar ook door weinig bewegen of ongezond eten.

Oude vrienden

Bij huisdieren kunnen we helaas (te) vaak waarnemen dat ze uiteindelijk vrijwel allemaal een metaboolsyndroom hebben: een opeenstapeling van stofwisselingsaandoeningen. De dieren zijn te zwaar, hebben vaak diabetes of andere aanverwante kwalen – zoals stress. ‘In het wild’ kom je dit niet tegen. De oorzaak is te vinden in de vervreemding van hun roots. En dan gaat het niet alleen om het moderne – vaak bewerkte – diervoer, maar ook om aanpassingen qua gedrag. Anders gezegd: een paard of een hond is van nature een sociaal dier, het leeft in groepen. Daarnaast eet zo’n dier erg gevarieerd en is het altijd in beweging. Maar wij dwingen onze huisdieren in een onnatuurlijke habitat.

Voor ons mensen geldt eigenlijk hetzelfde. Toen wij nog jager-verzamelaar waren, kwamen al die chronische ziekten die we nu kennen vrijwel niet voor. Uiteraard lagen er wel gevaren op de loer. Maar die kwamen van buiten in de vorm van roofdieren, bacteriën en virussen. Dit zijn, in de woorden van Birgit Spoorenberg, onze ‘oude vrienden’. We kennen ze goed, we zijn aan ze gewend. De mens is geëvolueerd in een omgeving waar deze bedreigingen, deze oude vrienden, altijd aanwezig waren en zowel ons lichaam als ons gedrag heeft zich telkens aan hen aangepast.

Dankzij deze bacteriën en virussen heeft ons immuunsysteem zich ontwikkeld tot een hoog-intelligent organisme. En dankzij de roofdieren heeft ons hormoonsysteem zich zo ontwikkeld dat er bij gevaar een flinke hoeveelheid adrenaline geproduceerd wordt die allerlei knoppen aanzet, zodat we kunnen vechten of vluchten. Gevaar, althans stress, leidt dus indirect tot een behoefte aan brandstof, en gelukkig voor ons tot de automatische aanmaak daarvan. In ‘ruststand’ verbranden we dan vooral vet, in actie vooral glucose. Ook cortisol kan weefsel omvormen naar glucose, bijvoorbeeld vanuit eiwit en vetten.

Bij erg veel stress wordt aanvullend, vanuit de spieren en de darmwand, nog extra eiwit gehaald om glucose te vormen. Er ontstaat daardoor een lichte vorm van ‘leaky gut’ (lekkende darm), wat op dat moment ook gewenst is om het immuunsysteem verder te activeren.

In detail ziet dat er zo uit:

1. Het (ortho)sympatisch zenuwstelsel gaat vol aan. Het sympatisch zenuwstelsel is het deel van het zenuwstelsel dat de organen zodanig beïnvloedt dat het lichaam actie kan ondernemen.

* De adrenaline-productie en de prioritering komt op gang, d.w.z. alle systemen die nodig zijn voor de verdediging, zoals hart en bloedsomloop, longen en spieren worden vol aangezet, en in de goede volgorde.

* Alle systemen die op dat moment niet noodzakelijk zijn, zoals de spijsvertering, worden uitgezet. Anderzijds gaat ons voortplantingsmechanisme juist vol aan, klaar voor reproductie (maar houdt de gevaarlijke situatie aan, dan wordt ook dit systeem uitgezet).

* Tegelijkertijd worden er meer tromboïden gevormd, zodat bij een eventuele verwonding het doodbloeden voorkomen wordt door een snellere stolling.

2. De HPA-as treedt in werking.

Als er sprake is van stress zorgt een klein orgaan in de hersenen, de amygdala, ervoor dat de rode vlag gehesen wordt. Daardoor produceert het lichaam het stresshormoon cortisol dat aangestuurd wordt via de hypo-thalamus-hypofyse-bijnier-as (in het Engels: hypothalamus-pituitary-adrenal-axis, oftewel de HPA-as).

* H = Hypothalamus

* P = Hypofyse

* A = Bijnieren

Deze HPA-as regelt de communicatie tussen brein en bijnieren en fungeert als een thermostaatsysteem. De bijnieren kunnen daardoor snel zorgen voor de benodigde (spier-)brandstof, in de vorm van glucose. Want brandstof hebben we hard nodig, bij gevaar. Om te kunnen vechten of vluchten.

Samenhang stress en immuniteit

Ons immuunsysteem kent drie verdedigings­lagen:

1. Huid en slijmvliezen (dus binnenkant neus- en mond, spijsverteringsstelsel, longen).

2. Direct onder de huid en slijmvliezen: de natural killercellen, de macrofagen, enz. Deze cellen reageren op elke indringer en hebben veel energie nodig.

3. Derde laag, deze laag bestaat o.a. uit IgA, IgG en B- en T-cellen. Deze twee laatste cellen zijn de geheugencellen. Ze herinneren ons aan de ‘code’ waarmee de indringer aangepakt kan worden. Deze laag wordt tijdens ons leven opgebouwd, door kennis maken met indringers zoals bacteriën of virussen. Daardoor kan ons lichaam de code aanleren en een verdediging ontwikkelen. Deze wordt direct ingezet als een (vergelijkbare) indringer een volgende keer weer binnenkomt.

Belangrijk immuun-wapen in ons gevecht tegen indringers is inflammatie (ontsteking). Daarvoor zijn vooral omega-6 vetzuren nodig. Ook deze inflammatie zorgt weer voor een zekere mate van leaky gut (lekkende darm), die nodig is om de glucose sneller in de bloedbaan te krijgen.

Inflammatie kent 3 fases:

1. Pro-inflammatoir: de ontsteking komt op gang (er is omega-6 nodig).

2. Plateaufase: de ontstekingsfase stopt.

3. Anti-inflammatoire fase: de ontstekingsplekken worden hersteld (omega-3 nodig).

Samenhang stress, immuniteit en diabetes

Hoewel inflammatie een prima proces is, werkt dit bij veel mensen helaas niet meer zo goed. Vroeger was de verhouding bij de inname van vetzuren (de verhouding tussen omega-3 en omega-6) ongeveer 1:2 tot wel 1:4.

Tegenwoordig zien we vaak verhoudingen boven de 1:15 tot zelfs 1:40.

Een belangrijke oorzaak is ons moderne, bewerkte voedsel. In onze gangbare melk­producten bijvoorbeeld, is bijna geen omega-3 meer aanwezig – terwijl dit in biologische en vooral in biologisch-dynamische melk wel het geval is. En in veel voedingsmiddelen wordt zonnebloemolie gebruikt; ook hierin zit geen omega-3, in tegenstelling tot olijfolie en koolzaadolie / raapzaadolie. Lijnzaadolie bevat ook veel omega-3, maar deze olie heeft als nadeel dat ze snel oxideert. Daardoor wordt de smaak ranzig.

Mensen die veel fastfood eten, of kant-en-klaar voedsel, of bewerkt voedsel in het algemeen, hebben dus vaak een ongunstige omega-vetzuurverhouding. Gevolg: veel laaggradige ontstekingen. Vooral in de darmen, waardoor deze nog minder goed in staat zijn om het voedsel te verteren. Vervolgens komt een deel van deze ontstekingsstoffen via een lekkende darm in de aderen terecht, waardoor zelfs daar ontstekingen ontstaan en littekenweefsel ervoor zorgt dat de bloedvaten vernauwen.

Je bent wat je eet. Nog specifieker: Je bent wat je opneemt. Dit wordt bepaald door de darmkwaliteit in samenhang met voeding, beweging en stress. Bijvoorbeeld: sterk bewerkte voeding zorgt voor snel opneembare glucose. Dit leidt tot een insulinepiek, vervolgens weer tot een snelle glucosedaling, en uiteindelijk is er dan een grote kans op een hypo. Op die manier ontstaat diabetes-2.

In het boek van Hanno Pijl, Diabetes 2, maak jezelf beter, geeft hij aan dat verse groenten, gezonde vetten en voldoende gezonde eiwitten essentieel zijn. Ook het verlagen van de maaltijdfrequentie (dus zeker geen tussendoortjes) draagt bij aan de het voorkomen van diabetes. Er zijn testimonials van mensen die met het door Pijl ontwikkelde programma Keer diabetes om, binnen een paar dagen van de insuline af waren.

Leefstijl en evolutie

‘De genen hebben het pistool geladen, maar de omgeving haalt de trekker over.’ Deze wijsheid betekent dat onze omgeving, met name onze leefstijl, bepalend is voor ‘gezond blijven’ of ‘ziek worden’.

Het feit dat in de afgelopen vijftien jaar de gemiddelde leeftijd waarop we onze eerste chronische ziekte krijgen, al weer met 6 jaar gedaald is, geeft aan dat onze leefstijl steeds meer afwijkt van hetgeen evolutionair bij ons hoort. We zijn nu eenmaal niet in staat om ongestraft onze evolutionaire ontwikkeling te versnellen, zo snel passen onze genen zich niet aan. De schatting is dat onze genen slechts 1% zijn veranderd, sinds het ontstaan van de eerste mens. Maar vooral de laatste 150 jaar is ons leven, is onze leefstijl, sneller veranderd dan in alle eeuwen daarvoor.

Bij chronische stress – die dus vooral te danken is aan de voortdurende aanpassing aan het moderne leven – wordt het lichaam cortisol-resistent. Ons lichaam verkeert dan, net als de dieren uit het begin van deze bijdrage, ongemerkt maar bijna voortdurend in een toestand van stress. Daardoor wordt er bijna permanent cortisol aangemaakt. Dit ontregelt de hypocampus, de ‘uitknop’. Vervolgens worden eiwitten uit de darmwand omgezet in glucose, waardoor er teveel glucose in het bloed komt. Daarna gaat de insuline-spiegel omhoog en uiteindelijk is dit een van de oorzaken van diabetes-2.

Ook het prikkelbare darmsyndroom (PDS) is vaak het gevolg van chronische stress.

Chronische stress, en chronische ziekten in het algemeen, zijn een uiterste signaal van het lichaam. Het signaal waarschuwt ons, het behoedt ons voor doodgaan. Maar daarvoor moet wel een hoge prijs betaald worden. Worden het hart- en vaatziekten? Wordt het diabetes-2? Reuma, of een hersendegeneratie zoals dementie of Parkinson?

De enige echte oplossing is opsporen wat de leefstijlfouten zijn, en vervolgens ‘supergezond’ gaan leven. Leven zoals de natuur het ooit bedoeld had. Daar kan geen medicijn tegenop. Dat betekent dat ook het mentale deel, het sociale deel en de zingeving daarbij betrokken moeten worden om weer terug te kunnen gaan naar de kern, en zo te kunnen helen.

Bewegen is alles

Nog een advies over bewegen. Niet voor niets horen we de laatste tijd de slogan ‘zitten is het nieuwe roken’.

Dit is niet iets van de laatste tijd. Lang en veel zitten was vroeger ook al slecht, alleen wisten we dat toen nog niet. Maar sinds kort weten we dat ons evenwichtsorgaan hierbij een belangrijke rol speelt. Dit orgaan, de Nervus festibularis, moet steeds even in actie gezet worden, als een soort check of wij nog functioneren. Als dit niet gebeurt (door bijvoorbeeld langer te zitten dan 30 minuten, in een min of meer stabiele houding achter de computer), dan treedt een ontsteking in werking.

Creëer daarom voortdurend beweegmomentjes. Gebruik bijvoorbeeld de afstandsbediening niet, maar loop af en toe even naar de tv. Daardoor kan het lichaam dan opgelucht constateren: gelukkig, alles werkt nog.

Door te bewegen maakt het lichaam en passant ook weer anti-inflammatoire stoffen aan. Gevolg: de ontsteking stopt weer. Beweeg trouwens vooral voor de maaltijd. Dan maakt het lichaam namelijk alvast anti-inflammatoire stoffen aan, die we nodig hebben om de ontstekingsstoffen te neutraliseren die als gevolg van voedsel opdoemen.

Verder activeert het eten de vetverbranding. Maar als je na de maaltijd gaat wandelen of sporten, dan maakt het lichaam eerst gebruik van de aanwezige koolhydraten en de glucose daarin, en het ‘spijsverteren’ krijgt daardoor onvoldoende aandacht. Na de maaltijd is er dus tijd voor rust, eventueel voor meditatie, mindfulness of gewoon lezen, zodat ons spijsverteringssysteem alle energie beschikbaar krijgt om zijn werk te doen.

Conclusie

1. Ga de ‘oude vrienden’ niet uit de weg; bacteriën en virussen hebben een functie.

2. Herstel ook de ‘oude uitdagingen’ in ere. Bijvoorbeeld in de vorm van een korte stress d.m.v. koud afdouchen, lopen over een blote­voetenpad, naar de sauna, enz. Laat dus ook natuurlijke stressoren toe, zoals honger (d.m.v. intermittent fasting), kou (d.m.v. de Wim Hof-methode (*) of in ieder geval koud afdouchen.

3. Minimaliseer de ‘evolutionaire onbekend­heden’ (vooral fast food en te veel zitten).

Het belangrijkste meetpunt moet altijd zijn: voelen we ons vitaal? Voelen we ons fit als we ’s morgens opstaan? Hebben we energie?

John Koezen

www.mensennatuur.net

www.cursussalutogenese.nl

(*) www.wimhofmethod.com